Dubbele boekhouding

De tekst en niets dan de tekst, zo riep ik nogal eens in mijn merlinistische jaren. Maar alleen al vanuit bibliofiel standpunt is dat onhoudbaar. Hier volgt een verhaaltje in de trant van Rupsje Nooitgenoeg: ja, een boek kan er altijd nog bij, met name als ik het voor een zeer lage prijs tegenkom. Ook als ik het boek al heb.

Zo zijn er in de loop van de jaren toch wel enkele dubbele exemplaren in mijn kasten terecht gekomen. Niet omdat ik niet meer wist dat ik betreffend boek al had, maar omdat ik dacht: “Toch zonde, dat dat hier zo ongewaardeerd op de stapel ligt”, of: “Daar kan ik iemand nog eens een plezier mee doen”, of: “Daar kan ik iets op verdienen, waardoor ik weer iets mooiers kan kopen”. Dat laatste bleek vaak een illusie, soms een voltreffer en bijna nooit volledig bevredigend. Ook het tweede komt in de praktijk minder vaak voor dan je denkt. En het eerstgenoemde getuigt van een al te sentimenteel verlosserssyndroom. Danny, je kunt nu eenmaal niet alle boeken “redden”.

In de loop der jaren ben ik dan ook wel “zuiniger” geworden en koop ik, in principe, niet nog een exemplaar van wat ik al heb, behalve als het is om een min of meer versleten exemplaar door een beter exemplaar te vervangen (maar dan moet je dat oude exemplaar wel wegdoen, behalve weer als het boek sentimentele waarde heeft: cadeau van deze of gene, gekocht in mijn puberjaren). Ik koop dus niet meer hetzelfde boek! Edities van een werk, die onderling verschillen, al was het maar vanwege het omslag, vallen echter buiten deze strenge regeling.

bloem

Laten we beginnen met J.C. Bloem. Van diens Verzamelde gedichten kreeg ik in 1991 een mooie gebonden uitgave cadeau, de 9e druk uit 1986. Zoals links op de foto is te zien, is het veel gelezen en is het vaak meeverhuisd. Er staan potloodaantekeningen van mijzelf in, allemaal uit begin jaren ’90. Nooit zal ik het over mijn hart verkrijgen om dit weg te doen. Onlangs liep ik tegen het rechter exemplaar aan, een paperback uitgave uit 1998, eveneens fraai vormgegeven, in nagenoeg maagdelijke staat, voor 2 euro. Een van je favoriete dichters, dus wat doe je dan? Juist. “Dat wordt dan mijn leesexemplaar.” Geloof ik dat echt? Bovendien heb je toch dat eerste exemplaar al duidelijk gelezen?

We vervolgen met De kellner en de levenden van Simon Vestdijk, naar mijn smaak een van de allermooiste boeken uit de Nederlandse literatuur. Ik las het min of meer per ongeluk, toen ik 16 jaar was en een weekje met griep thuis lag. Een beetje ambitieus, zelfs voor een vwo-eindlijst. Misschien is het de koorts geweest die paste bij de koorts van het boek. Het boek rechts op de foto (althans een lookalike) had ik destijds in handen. Meer titels van Vestdijk zijn eind jaren ’80 / begin jaren ’90 op die manier uitgegeven: in wisselende kleurstellingen met portret van den auteur op de voorkant.

vestdijk

In 2009 liep ik tegen het linker exemplaar aan, de 12e druk uit 1968: een boek dat indruk maakte, een prijs van enkele euri en daar bovenop de vormgeving door Karel Beunis (die ik min of meer verzamel). Meer argumenten heb ik niet nodig.

Nee, dan Het stenen bruidsbed van Harry Mulisch. Bijna hetzelfde verhaal als hierboven: een geliefde tekst, uitgaven die nét een beetje van elkaar verschillen en een ultralage prijs (ik meen dat er eentje in een stapel mee kwam, dus dan heb je echt over dubbeltjeswerk). Mulisch’ roman was de beroemde eerste Literaire Reuzen Pocket (LRP nr. 1) van uitgeverij De Bezige Bij, waarvan Harry Mulisch schijnt beweerd te hebben dat hij de uitvinder was (vindplaats?).

mulisch2

En toen waren het er drie. Dit zijn van links naar rechts de 6e, 31e en 34e druk uit respectievelijk 1960, 1985 en 1989. De druk uit 1985 had ik als scholier zelf gekocht en eveneens voor de vwo-lijst gelezen. Die uit 1960 bleek zodanig afwijkend qua vormgeving, dat die er wat mijn geweten betreft nog wel bij kon. Lastiger werd het met die laatste aankoop, de editie uit 1989. Opvallende verschillen zijn er niet, behalve misschien dat de rug van deze nog goed leesbaar is, in tegenstelling tot de twee andere exemplaren, zoals op de foto hieronder is te zien. Dat was niet het excuus op het moment van aankoop, maar achteraf wel een prettige uitvlucht goede rationalisatie.

mulisch1

Er lijkt een constante te zijn in dit verhaal: jong gelezen boeken. Dat geldt in elk geval nog voor Willem Frederik Hermans, van wie ik destijds niet (meer voor de hand liggend) De donkere kamer van Damokles las (of, als je je er met een dunnetje vanaf wilde maken: Het behouden huis), maar het eveneens prachtige Nooit meer slapen. Mijn exemplaar had dezelfde omslagafbeelding als rechts op de foto hieronder. Ik weet niet meer welke druk het was, maar het zal niet veraf liggen van 1983, het jaar waaruit de getoonde 17e druk stamt. Tijdens mijn eerste studiejaar in Nijmegen echter leende ik, uit idealisme, dit boek, samen met Een roos van vlees van Jan Wolkers, uit aan een Duitse uitwisselstudente, die graag haar Nederlands wilde verbeteren aan de hand van een goed boek. Maar net als die beroemde fietsen, kwamen ook deze boeken niet meer terug.

hermans

Op een sombere dag was ze met de noorderzon vertrokken. Ik dacht dat ik nooit meer zou slapen. Nooit meer in elk geval heb ik een boek uitgeleend, aan wie dan ook: je schaft het zelf maar aan, je leent maar het van iemand anders.  Of ik geef het je cadeau, maar die onzekerheid van een boek dat onverwacht niet terugkeert in de boekenkast… the horror, the horror!

Op een gegeven moment heb ik het links afgebeelde gebonden exemplaar gekocht, nieuw in de winkel. Natuurlijk kwam ik een zuster van het verloren exemplaar wel eens tweedehands tegen, maar meestal te beduimeld en scheefgelezen om het zelfs maar gratis mee naar huis te nemen. Tot… september vorig jaar. Toen was de zaak snel bekeken. Het is weliswaar niet dat verloren exemplaar, maar het is wel de editie met de omslagafbeelding die voor mij gezichtsbepalend is geweest voor Nooit meer slapen.

boccaccio2We gaan wat terug in de tijd, naar het middeleeuwse Italië, en belanden allereerst bij de Decamerone van Giovanni Boccaccio. Natuurlijk moest ik daarvan een Italiaanse editie hebben, al was het maar de tweedelige paperback edititie in cassette van Mondadori in de reeks Oscar Classici, waarvan ik wel meer titels heb (gehad). Maar daar gaat het natuurlijk niet om, want origineel en vertaling zijn niet echt als gelijken te beschouwen, dus die mogen zonder meer naast elkaar in de kast staan. Het gaat in dit geval om de vertaling.

Een vrij bekende vertaling van Decamerone is van de hand van Frans Denissen. Die is inmiddels in veel verschillende edities verkrijgbaar, onder andere in de Perpetua reeks. Die heb ik (nog) niet. Wel heb ik een uitgave uit 1989 van uitgeverij Manteau, en de mooie, monumentale editie in de Gouden Reeks van Athenaeum-Polak & Van Gennep, de eerste druk daarvan uit 2003. Precies dezelfde tekst, maar in de Athenaeum-uitgave veel fraaier vormgegeven en geïllustreerd.

boccaccio1

Ben ik met Boccaccio’s meesterwerk vooralsnog voorzichtig geweest, bij die andere grote Italiaanse dichter, vader van de Italiaanse taal, Dante Alighieri ben ik minder terughoudend geweest. De eerste editie die ik aanschafte was de zoveelste herdruk van een min of meer klassieke vertaling, namelijk die van Christinus Kops, in een gezamenlijke uitgave van Pelckmans en De Wereldbibliotheek. Daarnaast heb ik op een van de vele Italië-reizen een goedkope “studie-uitgave” gekocht, met vele voetnoten en verklaringen, uit 1996 in de reeks BEN Classici. Op een gegeven moment heb ik alle BEN Classici boeken weggedaan, ook Dante; het waren uiteindelijk lelijke pockets op krantenpapier, die vergeelden waar je bij stond. Daar is dus geen foto meer van. Misschien was ik te streng.

Een andere Italiaanse uitgave uit 2004, hieronder links, kocht ik jaren later. Het is de ideale combinatie van studie-uitgave en toch mooi uitgegeven en leesbaar lettertype.

dante1

Een andere, min of meer bekende vertaling is die van Frederica Bremer, in 3 afzonderlijke boekbandjes. Deze heb ik een beetje tegen wil en dank: de vertaling is wat stijfjes, de bandjes zijn lelijk, de opschriften nauwelijks meer leesbaar. Het is dat ik boeken van en over Dante (bijna) niet kan wegdoen en van deze vertaling nog geen andere editie heb, maar anders… Naast de vertaling van Bremer is een Duitse vertaling afgebeeld, getiteld Göttliche Komödie. De beroemde eerste regels luiden dan als volgt:

Als ich auf halbem Weg stand unsers Lebens,
Fand ich mich einst in einem dunklen Walde,
Weil ich vom rechten Weg verirrt mich hatte;

dante2

De vertaler is ene Philalethes, een pseudoniem waarachter 19e-eeuws vorstenbloed schuilgaat. De eerste edities hiervan zijn al in de loop van de 19e eeuw verschenen (de eerste volledige Komedie in 1849), mijn exemplaar is uit 1916 en is voorzien van illustraties door Gustave Doré, wat het samen met de fraaie letters toch een mooi boek maakt, dat antiquarisch nog tegen redelijke prijs verkrijgbaar is.

In de bibliotheek van een Dante-liefhebber mag natuurlijk de moderne prozavertaling van een van de bekendste Nederlandse vertalers uit het Italiaans, Frans van Dooren, niet ontbreken. De luxe is dat je kunt kiezen tussen de Ambo-Klassiek uitgave van Ambo (met rood stofomslag) of het deel uit de Baskerville Serie van Athenaeum-Polak & Van Gennep (met crèmekleurig stofomslag). Beide uitgeverijen hebben namelijk een aantal titels (waaronder ook Augustinus’ Stad van God) gezamenlijk uitgegeven. Beide uitgaven zijn uit 1987 en hebben dezelfde tekst.

dante3

Maar waarom zou je kiezen? Sterker nog: een aantal Nederlandstalige edities ontbreken nog in mijn kasten, zoals de veelgeprezen vertaling van Ike Caliona en Peter Verstegen, o.a. verschenen in de Gouden Reeks van Athenaeum-Polak & Van Gennep, met eveneens afbeeldingen van Doré (bij deze een goede cadeautip) en in de Perpetua Reeks van dezelfde uitgeverij. Verder is er nog de vertaling van R.F.M. Brouwer, in drie afzonderlijke paperbacks.

dante4aAls aardigheidje (want niet echt “dubbel”) toon ik hier nog een abridged uitgave hervertelling van de Divina Commedia, in het Italiaans, met zeer kleurige en sprekende illustraties, deze keer niet van Doré. Het gekke is dat de voorstellingen op de plaatjes erg lijken op wat ik mij zelf voorstelde bij het lezen. Of zou dat komen doordat Dante hier erg lijkt op de Dante van de afbeeldingen die we al kenden?

 

dante4b

Als je goed door je kasten gaat, ontdek je nog meer. Hieronder nog een aantal voorbeelden van “dubbele boekhouding”, d.w.z. boeken die in meer dan één exemplaar in de collectie voorkomen, om tal van redenen, waarvan sentiment en hebberigheid wel de voornaamste vormen. Vaak heb ik er twee, maar soms ook drie of zelfs vier exemplaren van een zelfde tekst. Bij Homeros, weliswaar in verschillende vertalingen, gaat het om nog meer edities. (Klik op de afbeeldingen hieronder voor een vergrote weergave – vooruitbladeren mogelijk).

Comments are closed.