Geschiedenis & ultramontane genoegens

In plaats van te lezen was ik weer eens op boekenjacht. Na weken bot te hebben gevangen, was ik erg hongerig geworden. Wekenlang leek er ook nauwelijks beweging in de voorraad van de bezochte locaties. Deze keer werd ik echter niet teleurgesteld. Ten eerste leek iemand zijn boekenplank Europese (met name Britse) geschiedenis te hebben leeggeruimd. Ik heb na zorgvuldige overweging mijn selectie gemaakt. Ik vind dit nog leuker dan op de zoveelste (half)nieuwe fictie te stuiten.

Wat het nog beter maakte, is dat er ook verschillende ‘oudjes’ tussen de boeken zaten, waarvan er drie mee naar huis mochten. Allereerst een fraai boek van Arthur van Schendel over Verlaine, “het leven van een dichter”: een dichterlijke schrijver over een andere dichter – dat is natuurlijk geen wetenschappelijk verantwoorde studie of biografie, maar als je het meer leest als een boek van Van Schendel i.p.v. een boek over Verlaine (deze zeer adequate formulering dank ik aan antiquaar Fokas Holthuis), dan is er veel te genieten. Dat geldt evenzeer voor de vormgeving van het boek. Lees verder

De Vliegende Hollander

Het verhaal van de Vliegende Hollander, over een spookschip dat voor eeuwig rond Kaap de Goede Hoop zou varen, is vermaard en vele malen bewerkt (zie o.a. Wagner). Waar komt dat verhaal vandaan? Is het wel een authentiek Nederlands verhaal? Op dit soort vragen probeerde Gerrit Kalff jr. een antwoord te vinden.

Het resultaat van zijn zoektocht bracht hij uit in een gepassioneerd en bloemrijk, zij het soms wat gedateerd proza, onder de titel: De sage van den Vliegenden Hollander, met de in onze oren wat ouderwets deftig klinkende ondertitel “Naar behandeling, oorsprong en zin onderzocht”. Het boek verscheen in 1923 bij uitgeverij W.J. Thieme. Lees verder

Kansloze missie ~ Culturele Coryfeeën

Als er een boek op de mat valt, dat over een aantal van je geliefde auteurs gaat, ben je even een moment blij. Totdat je begint te lezen en beseft dat de ronkende titel, Culturele Coryfeeën, beide met hoofdletter, een voorafschaduwing is van de inhoud.

De op zich neutrale aanduiding in de ondertitel “een eerbetoon aan” wordt dan plotseling een extra alarmbel die gaat rinkelen: hier is een auteur aan het woord die in mateloze bewondering neerknielt voor de Groten der Aarde, nou ja: cultuurdragers van Nederlands grondgebied.

Lees verder

Les Contes Remois ~ Over deugnieten

Dat het geluk (welbevinden) van een bibliofiel soms ook echt een kwestie van geluk (toeval) is, heb ik onlangs weer eens mogen ervaren. Een plek waar ik zelden kom, niet eens ver van huis. Men verkoopt er allerhande tweedehands goed. Het is er een grote rommel. Daarbij hanteert men gemiddeld vrij hoge prijzen, behalve voor de boeken. Nu was er bovendien 30% korting, wat bij de boeken praktisch gezien neerkwam op een ruime afronding van de prijs naar beneden. Dat laatste besefte ik pas toen ik met een nog bijna hagelnieuwe gebonden Siebelink aan de kassa kwam. Ik rekende af, maar ik ging ook weer terug naar binnen, want ik had een “wel aardig” kunstboekje gezien, dat dan ook nog mee kon. Omdat ook de boeken vrij onoverzichtelijk bij elkaar staan en ook op stapels in dozen en kratten liggen, speurde ik nog een beetje door de kasten en bakken, totdat mijn hart een klein sprongetje maakte (typerende bibliofielen- / verzamelaarsafwijking, doorgaans onschuldig).

 

Tot mijn grote verbazing stuitte ik op een Franstalig werkje, met gedichten en prentjes uit het jaar MDCCCLXIV (1864), getiteld Les Contes Remois. Oftwel: verhalen van Reims, de Noord-Franse plaats waar de auteur leefde en overleed. Deze “Comte de Chevigné”, blijkt Louis de Chevigné (1793-1876) te zijn. De uitgevers van dit boekje waren de gebroeders Michel Levy te Parijs.

Lees verder

De Baskerville Serie – een bibliografie

Een van de mooiste literaire reeksen van Nederland, uitgegeven door Athenaeum-Polak & Van Gennep – en deze uitgeverij heeft er een aantal! – is wel de Baskerville Serie.

Eerder was aangekondigd dat de reeks zou stoppen (zie o.a. dit bericht uit 2013 in NRC online). De dienstdoende redacteur bij de uitgeverij zou beweerd hebben dat de tijd achter ons ligt “dat mensen klassiekers als serie spaarden”. Een nagenoeg Homerische lach was te horen in de bibliotheca Habetsiana. Wie probeeert een substantiële set in goede tweedehandse staat te bemachtigen, zal zien dat dat niet eenvoudig is en dat sommige delen ruim boven hun historische nieuwprijs in slechts een enkel exemplaar worden aangeboden. Tegen alle verwachting in zal begin 2017 echter toch weer een nieuw deel verschijnen: Burgeroorlogen van Appianus, in de vertaling van John Nagelkerken.

In de reeks werden literaire en filosofische klassiekers uitgegeven, veelal vertaald uit het Latijn of Grieks, soms uit het (oud-)Frans of (oud- of middelhoog-)Duits. De meeste titels omvatten de periode die wel als “de Oudheid” wordt aangeduid, enkele titels zijn uit de Middeleeuwen en er is een enkele uitschieter naar de Renaissance of later (Frits Staal, Gerard Reve, Chris Geel, etc.).  Lees verder

Théophile Gautier – Fortunio

Op een boekenmarkt stuitte ik onlangs weer op een heel aardig boek. De titel zei me niets, maar de naam van de schrijver was me wel bekend. Mijn interesse werd gewekt door de fraaie Franse band en de goede staat ervan. Daarnaast bevat het boek een aantal interessante, licht-erotische prenten. Het blijkt een uitgave te zijn uit 1934 – dat staat nergens voorin vermeld, maar achteraan kunnen we lezen: “Achevé d’imprimer le quinze mai mil neuf cent trente-quatre”.

Théophile Gautier (1811-1872) was een kleurrijke schrijver en dichter uit de tijd van de Franse Romantiek en de Parnassiens, voorvechter van het l’art pour l’art principe (later in Nederland zo hartstochtelijk beleden door de Beweging van Tachtig). Het meest bekend is Gautier vanwege zijn poëzie, maar hij publiceerde ook romans en journalistiek werk. Een van die romans verscheen in 1838, getiteld Fortunio. Deze roman was eerder, in 1837, verschenen als vervolgverhaal in Le Figaro onder de titel L’Eldorado. Lees verder

Dubbele boekhouding – deel 2

We gaan wat terug in de tijd, naar het middeleeuwse Italië, en belanden allereerst bij de Decamerone van Giovanni Boccaccio. Natuurlijk moest ik daarvan een Italiaanse editie hebben, al was het maar de tweedelige paperback editie in cassette van Mondadori in de reeks Oscar Classici, waarvan ik wel meer titels heb (gehad). Maar daar gaat het natuurlijk niet om, want origineel en vertaling zijn niet echt als gelijken te beschouwen, dus die mogen zonder meer naast elkaar in de kast staan. Het gaat in dit geval om de vertaling.

boccaccio1

Een vrij bekende vertaling van Decamerone is van de hand van Frans Denissen. Die is inmiddels in veel verschillende edities verkrijgbaar, onder andere in de Perpetua reeks. Die heb ik (nog) niet. Wel heb ik een uitgave uit 1989 van uitgeverij Manteau, en de mooie, monumentale editie in de Gouden Reeks van Athenaeum-Polak & Van Gennep, de eerste druk daarvan uit 2003. Precies dezelfde tekst, maar in de Athenaeum-uitgave veel fraaier vormgegeven en geïllustreerd. Lees verder