Onrust is de beste motivatie om te gaan opruimen. Om orde in de chaos van het universum te brengen. Er zullen vast mooie psychologische verklaringen zijn, maar er zijn weinig activiteiten in het menselijk bestaan die tegelijk zo frustrerend als gelukschenkend zijn als ordenen, en dan met name van de omgeving waarin je verkeert. Hoeveel intenser zijn geluk en wanhoop wel niet als het om boeken gaat? Welke artefacten uit de werkelijkheid lenen zich beter hiervoor dan boeken (of muziekdragers)?

Een tijdje terug was er inderdaad onrust, veel onrust. Zodanig dat ik aan het geliefde, belangeloze lezen nauwelijks toekwam. Ik beklaagde me daar een beetje over tegenover een goede vriend die ik de laatste jaren te weinig spreek. Hij is voor een deel uit hetzelfde hout gesneden en troostte mij met de woorden: “Het is soms ook al voldoende als je een beetje met je boeken ‘rommelt’, een beetje ordenen en herordenen, gewoon met je boeken bezig zijn.” Zoiets als meditatie dus: een bewust verkozen verenging van je aandachtsgebied, waardoor weer een diepere concentratie ontstaat.

Maar hoe orden ik dan al die boeken? Zoveel mensen als er zijn, zoveel indelingen. Daarnaast zijn praktische zaken als behuizing en beschikbare kasten en plankruimten in niet geringe mate bepalend. Ook de aanwezigheid van kinderen in je huis beïnvloeden je indeling. Bovendien is elk inzicht in principe feilbaar en tijdelijk. De ideale indeling zul je dan ook nooit bereiken: bron van toekomstige onrust!

Mijn huidige indeling wijkt niet essentieel af van de voorgaande vijf, behalve dan dat ik “literatuur” nu echt allemaal in één wand bij elkaar heb gekregen. Wat nog handig is om te weten dat ik het voorrecht heb van een eigen kamer van ca. 20m2, waarin vooralsnog alle boeken een plek hebben gevonden. De kamer kijkt uit op het noorden, koud in herfst en winter maar goed voor de boeken, die niet zo van zon en hoge temperaturen houden. De Noord-Oost zijde van de kamer bevat 5 Billy boekenkasten (met opzetstuk), een zesde kast gaat het hoekje om en vult de wandruimte tot aan de tussendeur. In deze 6 kasten staat “literatuur”, wat overigens breed bedoeld is, want ook de primaire werken van Plato, Nietzsche, Aristoteles en Voltaire staan er tussen. Maar die filosofen kun je met enig recht ook literatuur noemen, en het heeft te maken met mijn voorkeur om mooie gebonden tekstuitgaven bij elkaar te zetten, waarover zometeen meer.

Binnen literatuur zijn de boeken geordend op taalgebied (originele en vertaalde werken door elkaar) en daarbinnen weer op schrijversnaam:
• Nederlands, dan vervolgens Engels, Frans, Duits, Italiaans;
• Spaans/Portugees (met voor het gemak Latijns-Amerika er meteen bij);
• Oost-Europese schrijvers in vertaling, bijvoorbeeld: Ismail Kadare, György Konrád, Peter Nadás, Imre Kertész, Miroslav Krleza, Milan Kundera, Sándor Márai;
• Scandinavische schrijvers in vertaling: Per Olov Enquist, Peter Hoeg, Marianne Frederiksson, Knut Hamsun, Jan Kjaerstad, August Strindberg;
• Turkse schrijvers in vertaling: Orhan Pamuk, Yasar Kemal;
• Overige werelddelen in vertaling: Ben Okri, Han Shaogang, Yasunari Kawabata.

De indeling is niet helemaal zuiver op taalgebied, aangezien de boeken van Okri uit het Engels vertaald zijn, evenals die van Jerzy Kosinski – toch staan deze bij resp. “Afrikaanse” en “Oost-Europese” schrijvers. Uit praktische overwegingen (vanwege het geringe aantal) zijn hele werelddelen / taalgebieden op één hoop gegooid. Dan wel weer alfabetisch, dat spreekt.

Twee bijzonderheden. Ten eerste zijn boeken die me om welke reden dan ook (financieel, ouderdom, kwetsbaarheid) dierbaarder zijn, allemaal op de bovenste drie planken van de wand geplaatst (dateert uit de tijd dat kinderen klein waren, en als we dan toch een keer een overstroming zouden krijgen…). Links begint de wand met de boeken van pak hem beet vóór 1940, daarna reeksen literaire klassiekers (zoals Ambo-Klassiek, Baskerville Serie, Gouden Reeks, Grote Bellettrie, Russische bibliotheek) evenals mooie uitgaven van de (verzamelde/volledige) werken en/of briefwisselingen van Ter Braak, Du Perron, Couperus, Erasmus, Nabokov, P.N. van Eyck, etc.
Ten tweede is in de eronder liggende planken het alfabet niet strict vol te houden. Doordat ik deze 6 kasten heb uitgebreid met een extra plank tussen bovenste en middelste plank (en de Billy’s maar een beperkt aantal indelingsmogelijkheden bieden), passen in sommige vakken alleen de standaard paperback’s en kleinere gebonden boeken. Zo kan ik boeken van Willem Frederik Hermans op 2 verschillende planken vinden. Geen ramp, want ze staan wel dicht bij elkaar, maar strict is de orde in die zin dus niet.

Rechts van de tussendeur (naar de achterkamer) staan nog drie Billy’s: anderhalve kast met “letterkunde” of “literatuurwetenschap”, waarin te weinig ruimte is; de andere helft van die tweede kast met (vooral boeken over) filosofie, waarin nauwelijks nadere orde zit; tot slot een kast met “geschiedenis” in brede zin van het woord, die in ruime mate te krap bemeten is (boeken op boeken gestapeld). Letterkunde is onderverdeeld in literatuurtheorie, en vervolgens (voornamelijk Nederlandse letterkunde) per tijdperk (middeleeuwen, renaissance, 18e eeuw, 19e eeuw, 20e/21e eeuw). Ik ben namelijk “historisch” of diachroon georiënteerd. Tot slot de “restanten”, zoals essaybundels van letterkundigen, specifieke onderwerpen als monografieën van “literaire tijdschriften”. De kast geschiedenis is op vergelijkbare manieer ingedeeld: eerst algemene (overzichts)werken, dan per tijdperk en vervolgens per land. Sommige boeken passen op meerdere plekken. Alles rondom Nederland als land in wording (late middeleeuwen tot einde Gouden Eeuw) staat bij elkaar, evenals alles rondom ontdekkingsreizen en kolonisatie.

De hoek om volgt eerst een platenkast, waarin wat LP’s. Daarna een “halve” Billy (d.w.z. van 40 cm breed maar net als alle andere met opzetstuk) met poëzie, zonder al te veel subordening, de mooiste uitgaven weer bovenaan – het is immers weinig en overzichtelijk. Tot slot nog een Billy met daarin woordenboeken, taalkunde (theoretisch, historisch, leerboeken vreemde talen) en restantcategorieën (muziek, mythologie). Dan zijn we de kamer rond en kijken weer naar buiten…

Het sjouwen met boeken is een passie op zich, maar bezint eer ge begint, want al vaker is gebleken dat je oude indeling zo gek nog niet was, en dat na al dat verplaatsen het er niet beter op is geworden. Of dat het überhaupt niet meer blijkt te passen (“het stond toch allemaal in die kasten?”). Systematiseringsdrift kan ook ontaarden in iets dat lijkt op de “totalitaire verleiding”: de neiging om een perfect systeem ontwerpen en de 10% of 20% die erbuiten valt te verfoeien en te verwerpen. Niet doen, evolutie – ook in een verzameling boeken – kent nu eenmaal haar imperfecties, en het zijn niet altijd de slechtste exemplaren…