Een bibliotheek verhuizen

Een wijsheid die ik ooit ergens opving, luidt: jij bezit niet alleen je boeken, zij bezitten ook jou. Dat bezit ook een last kan zijn, ondervind je aan den lijve als je een verzameling (van wat dan ook) van enige omvang moet verhuizen. Afgelopen weken heb ik dan ook wel eens stilletjes mijzelf verwenst met mijn schier ontembare boekenkoopdrift, toen ik een kromme rug kreeg van het versjouwen van die last.

Geen hobby

Verhuizen dus. Dat is geen hobby van mij, en omdat ik zo’n ruim souterrain had, met lange, rechte en ononderbroken muren, waarin al die boeken fijn pasten, en nog plek was voor meer (“vol” of “geen plek meer” is een gebrek aan fantasie, heb ik altijd geroepen), stond ik aanvankelijk sceptisch tegenover onze plannen. Er waren en er zijn echter enkele goede redenen om ons huis te verkopen en bepaalde, al langer levende dromen waar te maken (waarover ik wellicht een andere keer vertel, maar het heeft met Italië te maken).

Verhuizen dus. Dat bleek makkelijker gezegd dan gedaan. Niet alleen hadden wij een ruim huis, wij hadden dat ook behoorlijk gevuld, niet alleen met boeken, maar ook met huisraad. In de loop van de tijd was, met 5 dochters, nogal wat redundantie ontstaan: weliswaar altijd netjes opgeborgen en geordend, maar gewoonweg veel spullen (zoals 3 reservebedden in de zolderberging). Dat merk je pas als je ze probeert onder te brengen in je nieuwe huis, dat ook best veel ruimte heeft, maar toch ca. 30% minder m3. Vooral missen we die extra etage onder de grond, door grootte en hoogte volledig als woonruimte te gebruiken en waar ik als het ware een tweede woonkamer had gerealiseerd, zij het een beetje donker.

Lees verder

Vadertje Cats, kloek en ondeugend

De twee grootste en zwaarste boeken in mijn collectie worden gevormd door een 19e-eeuwse uitgave die ik onlangs kocht van de verzamelde werken van de 17e-eeuwse dichter Jacob Cats, bijgenaamd “Vadertje Cats”. Behalve dat het dichterschap van Cats wat lijdt onder eenzijdige beeldvorming, is de 19e-eeuwse uitgave door J. van Vloten ook een juweeltje van boekkunst.

Lees verder

Nederlandse literatuurgeschiedenis

In deze aflevering een doorsnede uit de Bibliotheca Habetsiana: literatuurgeschiedenis. In onderstaand overzicht beperken we ons tot de literatuurgeschiedenissen die over de Nederlandstalige literatuur gaan en overzichtswerken van Europese literatuur door Nederlanders. Schoolboeken voor het middelbare onderwijs blijven buiten beschouwing.

Lees verder

Leesdagboek 2020

Een van de goede voornemens is om beter te gaan bijhouden welke boeken ik gelezen heb. Vaak lees ik verschillende boeken parallel aan elkaar – dat maakt een registratie op datum een beetje lastig. Om die reden laat ik nadere datumaanduidingen hieronder weg. De lijst is aflopend gesorteerd, hoe verder omlaag, des te langer geleden ik het boek las.

November

Hölderlin, Friedrich, Gedichten. Vertaald uit het Duits door Ad den Besten, Athenaeum – Polak & Van Gennep, Amsterdam, 2011. 3e druk – gebonden, 258p. – [Perpetua].

Ik moest laatst nog aan een bekend gedicht van Hölderlin denken (“An die Parzen” – u weet wel: “Nur Einen Sommer gönnt, ihr Gewaltigen! / Und einen Herbst zu reifem Gesange mir”). Nu liep ik in de boekhandel tegen de bundeling van zijn gedichten aan, vertaald door Ad den Besten, in de ramsj voor € 12,50. Gekocht en meteen begonnen met driftig lezen en herlezen van deze boeiende gedichten.


Haterd, Lex van de, De Gemeenschap en het modernisme. Uit het lood, Leiden, 2020. 1e druk – gebonden, 95p. – Verschenen ter gelegenheid van de tentoonstelling “De Gemeenschap: herontdekt modernisme” in Huis van het boek te Den Haag (april-juli 2020)

Fijn fotoboek met uitgebreide toelichting over de grafische schoonheid van dit tijdschrift, waar veel toonaangevende kunstenaars een (soms zeer experimentele) bijdrage aan leverden.

Afgelopen zomer hebben we met het gezin enkele uitstapjes gemaakt, o.a. naar Den Haag, waarbij ik het museum Meermanno-Westreenianum bezocht (tegenwoordig eenvoudiger “Huis van het boek” genoemd) en daarbij o.a. de mooie tentoonstelling over de tijdschrift De Gemeenschap heb gezien. Veel herkenbaars uit de tijd dat ik aan mijn scriptie over Jan Engelman schreef. In de UB Nijmegen heb ik bijna alle nummers destijds doorgespit. Een feest van herkenning dus.


Teilhard de Chardin, Pierre, Reisbrieven 1923-1955. Met een beschouwing over de hoofdgedachten van Teilhard de Chardin door Prof. Dr. A. Portmann. Paul Brand, Hilversum / Antwerpen, 1963. 1e druk – gebonden, 325p.

De naam Teilhard de Chardin had ik al een tijd niet gehoord en ik vroeg me af of er nog mensen zijn die hem lezen. Tot mijn verbazing leidde een snelle zoekactie op Twitter tot veel recente vernoemingen en aanhalingen. De Reisbrieven ben ik momenteel aan het lezen, en ze nodigen uit om er een keer uitgebreider op terug te komen.


Pasolini, Pier Paolo, De geur van India. Vertaald uit het Italiaans door Yond Boeke & Patty Krone, Het Wereldvenster, Houten, 1991. 1e druk – paperback, 95p.

In 1962 was de wereld nog heel anders en India nog een ander land. Samen met Alberto Moravia en Elsa Morante reist Pasolini door een deel van India. Opvallend is vooral de rusteloosheid waarmee hij het vreemde probeert te zien en soms in zijn eentje op wandeltocht gaat. Pasolini is in hoge mate gefascineerd door het vuil, de armoede, de zwartheid van de huidskleur en de (vuile) witheid van de lappen waarmee de Indiërs zich kleedden.

Lees verder

Profetische woorden

Het oog wil ook wat, zo luidt een van mijn vaste bezweringen. Het oog leest, maar kijkt ook. “Never judge a book by its cover.” Je moet je niet laten leiden door vooroordelen, de waarde van iets of iemand is niet te bepalen op basis van alleen de uiterlijke verschijningsvorm. Daar staat tegenover dat die uiterlijke verschijningsvorm wel het eerste is waar je met je zintuigen mee in aanraking komt. Je moet je er alleen niet toe beperken – vandaar dat ik het woordje “alleen” in de vorige zin cursiveerde. Het uiterlijk is meestal aanleiding tot nieuwsgierigheid en verder onderzoek, zowel bij boeken als bij mensen.

De verschijningsvorm kan in het geval van boeken betrekking hebben op de boekband, een aangename bladspiegel of bijzondere typografie, de illustraties of de voorin geschreven naam van een vorige eigenaar, óf een combinatie hiervan. Deze keer was het duidelijk de boekband die mijn aandacht trok.

Eerlijk gezegd had ik geen idee wat dit voor een boek was, de auteursnaam en de titel zeiden mij niets. Bij een eerste blik in het boek is wel duidelijk dat het om een werkje van christelijk-religieuze signatuur gaat. De naam van de uitgeverij, Internationaal Traktaat-Genootschap, riep bij mij een associatie op met Jehova’s Getuigen. Bijna goed, maar niet helemaal! De auteur is bovendien “zendingsdirecteur”, zoals de titelpagina vermeldt, dus het is iemand met een missie.

Lees verder

De omstreden Engelman

Voor de katholieken te vrijzinnig, voor de vrijzinnigen te katholiek. De dichter Jan Engelman werd tijdens de hoogtijdagen van zijn dichterschap zowel vereerd als verguisd. Hij kreeg met name kritiek op zijn soms onverhuld erotische gedichten, zoals “Zacht branden”:

Zacht branden van de teedre lenden:
een wiegeling, een wit satijn
aan mijne handen, de gewenden,
die met haar leest verzameld zijn

tot éénen slag en in het stuwen
des bloeds niet laten van hun wit.
Die stem, die stameling bij ’t huwen:
wie zijt gij? ─ En het diepst bezit

de tweelingster, haar oogen, weergevonden
in de golven en het nachtstruweel
der haren, stroomende ontbonden
op dezen schouder en haar prille keel.

In het online tijdschrift Neerlandistiek ga ik uitgebreid in op de bijzondere aard van het dichterschap van Engelman, in twee afleveringen: in de eerste aflevering bespreek ik enkele gedichten uit Tuin van Eros (1932), in de tweede aflevering reflecteer ik op de reacties van de tijdgenoten van Engelman.

Hoe houd ik ze op een rijtje?

In het tijdschrift Boekenpost wordt een oproep gedaan aan lezers om te beschrijven hoe ze omgaan met hun boekenbezit. De hoeveelheid boeken die je aanschaft groeit maar door en door. Dat geldt ook voor mij. Ik weet ook dat er nog grotere verzamelaars zijn, gekeken naar aantallen. Daar is het mij nooit om te doen geweest, maar het probleem van ruimte en overzicht speelt altijd en overal. Daarom geef ik graag gehoor aan de oproep van boekenpost. Misschien ook leerzaam voor anderen, misschien alleen amusant. Beste lezers van dit blog, doe mee!

Hoe houd ik mijn persoonlijke bibliotheek op orde?

Een van de uitdagingen van de bibliofiel (en van de verzamelaar in het algemeen), groter nog dan financiële ruimte, is fysieke ruimte – opslagcapaciteit. Ik ben zelf in de gelukkige positie dat ik een eigen ruimte in huis heb, met een vloeroppervlakte van ca. 42m2 en hoogte van 2,40m. Met aftrek van de deur, en de twee korte kanten (waar bureau, etc. staan) kom ik op een beschikbare wandruimte van ca. 40m2.

Lees verder

Beunis alias Cursto alias Jungcurt

Bibliofilie hoeft geen dure hobby te zijn. De visueel ingestelde lezer wordt op zijn wenken bediend door bijvoorbeeld de paperbacks in een van de reeksen van uitgeverij De Bezige Bij uit de jaren ’60 en ’70: Literair Paspoort, Literaire Pockets en vooral de Literaire Reuzenpockets (LRP). De meeste titels uit deze reeksen zijn voor enkele euro’s te krijgen in antiquariaten, via online kanalen, en zelfs in kringloopwinkels kom ik ze wel vaker tegen. Hieronder een aantal voorbeelden uit de reeks Literair Paspoort:

Bijzonder lees- én verzamelwaardig zijn vooral de boeken waarvan Karel Beunis de typografie en/of het omslagontwerp voor zijn rekening heeft genomen, althans in naam – daarover zometeen meer. Wie mij al langer volgt, weet dat ik erg gecharmeerd ben van deze uitgaven, waarin zowel eigentijdse Nederlandse schrijvers als literatuur in vertaling verscheen. Het ging om moderne literatuur in een modern jasje vormgegeven.

Lees verder

Geschiedenis van de Nederlandsche stam

Huizinga is natuurlijk de meest vermaarde geschiedschrijver uit de eerste helft van de twintigste eeuw, maar ook Pieter Geyl (eig. Geijl, 1887-1966) is een naam waar je niet omheen kunt. Zijn hoofdwerk Geschiedenis van de Nederlandsche stam behoort tot de klassiekers van de vaderlandse geschiedenis, omvattende het gehele Nederlandse taalgebied omdat dát volgens Geyl, die onder andere hoogleraar geschiedenis in Londen was, meer dan staatsgrenzen het samenbindende element is. Geyl was dan ook een overtuigde voorstander van de Groot-Nederlandse of Dietse gedachte, de idee dat de Nederlandssprekende volkeren in West-Europa één staat zouden moeten vormen.

Lees verder

The Works of Alexander Pope

Een fraaie uitgave van de werken van Alexander Pope stond al een tijdje op mijn verlanglijstje. Dat mag een mooi vormgegeven moderne, wetenschappelijke uitgave zijn of een oude druk uit de tijd van Pope zelf. Het is iets ertussenin geworden: een 9-delige, compleet genoemde uitgave uit 1803, waarin veel commentaar, toelichting en bijdragen van anderen (veelal lofzangen) over Pope zijn toegevoegd.

Lees verder

Aanwinsten september 2020

Het zijn merkwaardige tijden, maar een mens mag niet ontevreden wezen als er nog voldoende te lezen en te sneupen valt. Wat ten opzichte van voorgaande jaren duidelijk veranderd is: noodgedwongen meer online kopen, omdat je door de Coronacrisis op minder plekken komt (en er minder boekenmarkten waren dit jaar) en creatiever zijn bij het zoeken. Dat is voor iemand die nog steeds het liefste ter plekke tegen een boek aanloopt even wennen.

Van Schendel

Tegenover de schrijver Arthur van Schendel voel ik enige ambivalentie. Zijn als "neo-romantisch" bekend staande werken vind ik soms erg vaag en zweverig; dat soort ouderwetsche hooggestemdheid zijn we niet meer gewend. Zijn "Hollandse" romans daarentegen, zoals De waterman, zijn schitterend om te lezen. 

Onderstaande titels, die ik online vond, behoren wel een beetje tot het eerstgenoemde genre, maar hun fraaie bandjes kon ik niet weerstaan. Daarmee passen ze mooi in de kleine collectie waarvan ik eerder delen kocht.
Lees verder

Dorothea en de censuur

In de → vorige aflevering waren we een obscuur, bijzonder boekje op het spoor gekomen, een vertaling van een Duits werkje, waarin de problematiek van gemengde huwelijken tussen katholieken en protestanten aan de kaak wordt gesteld m.b.v. een melodramatisch verhaal. Vooralsnog hebben we via de online kanalen geen ander exemplaar van dit boekje boven water kunnen halen. Wel is er veel wetenswaardigs over het boekje en de auteur te achterhalen. In deze aflevering volgen we het spoor verder terug, waarbij nog een hele censuurkwestie komt kijken. We beginnen met enkele recensies in de tijdschriften van medio 19e eeuw, die interessante wetenswaardigheden bieden.

Lees verder

De ellende van gemengde huwelijken

Soms heeft het even tijd nodig om bepaalde boeken wat nader te bestuderen. In augustus 2019 toog ik naar Amstelveen om op twee plaatsen een partij boeken op te halen. In de tweede partij zat een gehavend boekje zonder titelpagina, waar een vorige eigenaar zelf ooit een kaft omheen heeft gedaan. De laatste eigenaar wist niet wat het was, maar ik mocht het mee naar huis nemen. Ik wist er ook niet goed raad mee, dus het heeft ruim een jaar naamloos in de kast gestaan. Tot nu.

Lees verder

Aanwinsten augustus 2020

Augustus is qua nieuw verworven boeken beduidend een mindere maand dan juli, maar dat is onvermijdelijk, alleen al om financiële redenen. Toch heb ik weer een aantal interessante boeken gevonden die goed passen in de Bibliotheca Habetsiana.

Begin augustus liep ik eindelijk weer eens in een kringloopwinkel tegen een paar heel aardige vondsten aan, waaronder de vuistdikke biografie van Hugo Grotius door Henk Nellen.

Lees verder

Aanwinsten juli 2020

Hooimaand was een vruchtbare maand. Corona en de daarbij behorende risico’s en maatregelen weerhielden ons, met pijn in het hart, om naar Italië te gaan. We vierden vakantie in eigen kot en ondernamen enkele daguitstapjes naar o.a. Utrecht, Den Haag, Nijmegen en Roermond. Natuurlijk bezocht ik ter plaatse altijd een of meer boekhandels, waarbij het geduld van mijn medereizigers grondig op de proef werd gesteld.

Daarnaast deed ik in juli af en toe een gelukkige greep via de online kanalen om enkele minder goed vindbare titels te vinden uit de niet te versmaden reeksen Ambo-Klassiek en Baskerville. Al met al ligt er een heel stapeltje voor ons.

Lees verder

Nu stelt het puick van zoete kelen

Het jaar 1937 was het 350-ste geboortejaar van Joost van den Vondel. Bovendien was Gysbrecht van Aemstel, een van zijn bekendste werken, precies 300 jaar oud. De grote Vondel-herdenking werd dat jaar gevierd met tal van uitgaven van zijn werken, waaronder de 10 kloeke delen van De werken van Vondel (uitgegeven tussen 1927 en 1937).

Ik realiseer me dat mijn uitgebreide kennismaking met Vondel (en overigens ook Hooft en Huygens) met name te danken was aan de uitstekende lessen aan het Henric van Veldekecollege te Maastricht. Naast de bekendste (kleinere) gedichten van Vondel hebben we destijds in de klas (vwo 5) ook Gysbrecht van Aemstel integraal gelezen.

Lees verder

De onverschrokken adelaar

Twee dichters over Leopold, die Cheops schiep

Dichters schrijven en dichten vaak over het dichten en over andere dichters. Zo schreef Ida Gerhardt verscheidene gedichten over haar leermeester, de grote dichter J.H. Leopold. Drie daarvan verschenen in de bundel De Hovenier uit 1961. Deze gedichten bieden een interessante blik op het dichterschap van beiden, en roepen bovendien een gedicht van H. Marsman over Leopold in herinnering. Het gedicht van Marsman is in deze beschouwing het vertrekpunt. Vervolgens komen drie gedichten van Gerhardt uitvoerig aan de orde, waarin duidelijk overeenkomsten zijn te vinden met woorden en beelden die Marsman gebruikt.

Aan het einde van dit artikel toets ik mijn interpretatieve bevindingen aan die van anderen. Met name J.D.F. van Halsema heeft uitvoerig geschreven over “J.H. Leopold bij Ida Gerhardt” (Van Halsema 2002). Deze heb ik gebruikt als proef op de som voor mijn eigen interpretatie. Daaruit moet blijken in hoeverre interpretaties die los van elkaar ontstaan, intersubjectief zijn en tot gedeelde conclusies komen.

Lees verder

Kleine Bellettrie Serie – een bibliografie

Inleiding

Bij het samenstellen van de bibliografie van de Grote Bellettrie Serie komt men algauw ook in aanraking met de Kleine Bellettrie Serie, vooral omdat er enkele uitgaven zijn verschenen die men tot beide series zou kunnen rekenen: vanwege eerdere uitgave en formaat tot de Kleine, en vanwege de gekleurde omslagen tot de Grote. Als bijvangst van voorgaande onderzoekingen bied ik hieronder een lijst aan van de Kleine Bellettrie Serie, die een stuk beknopter is dan die van de Grote Bellettrie Serie.

Kenmerkend voor de Kleine Bellettrie Serie zijn de crèmekleurige omslagen met variatie in de kleur en uitlijning van de auteursnaam en titel. Ze zijn daarmee soberder en veelal een stuk dunner dan hun grote broers. De omslagen zijn gevoelig voor verkleuring.

Lees verder

Le Figaro Artistique (1923-1924)

Een van de aangename zaken tijdens het schrijven van mijn afstudeerscriptie (1995-1996) was het dagenlang bladeren en lezen in kranten en tijdschriften uit de jaren ’20 en ’30 van de vorige eeuw (op zoek naar berichten en artikelen over mijn onderwerp).

Veel van de tijdschriften die ik raadpleegde waren fraai ingebonden, soms zelfs in lederen banden, waardoor ze extra lekker roken. De combinatie oud papier en leder levert soms een onweerstaanbare geur op en associeer ik nog altijd met die gelukkige tijd in de leeszaal van de Universiteitsbibliotheek Nijmegen.

Onlangs liep ik tegen een stevig en groot boek aan, indrukwekkend vanwege de afmetingen: 225 x 300 mm, maar ook de halfleren, marokijnen band met de horizontale ribben op de rug. Daar bleek een reeks ingebonden tijdschriften in te zitten.

Lees verder